Gen8

De tweede implementatie als bewijs

Kennis

De eerste implementatie bewijst dat het kan werken. Pas de tweede laat zien of het werkte door de workflow of door de mensen die erbij stonden. Dat onderscheid bepaalt wat je een volgende klant belooft.

Waarom de eerste keer niet telt

Bij de eerste implementatie is alles aanwezig wat er daarna niet meer is. De bouwer kijkt dagelijks mee. De gebruikers weten dat ze in een proef zitten en melden elke rare uitkomst. Uitzonderingen worden ter plekke opgelost door iemand die begrijpt waarom de workflow doet wat hij doet.

Dat is geen kritiek op pilots — zo hoort een pilot te gaan. Het betekent alleen dat de uitkomst een gemengd resultaat is van de workflow én de aandacht eromheen, en dat je die twee niet uit elkaar kunt trekken zolang je er maar één voorbeeld van hebt.

Wat de tweede keer aantoont

Bij de tweede implementatie, in een andere organisatie of een andere afdeling, verandert precies één ding: de aandacht van de bouwer is er niet meer op dezelfde manier. Wat overeind blijft, zat in de workflow. Wat omvalt, zat in de mensen eromheen.

Drie dingen worden dan zichtbaar die je eerder alleen kon vermoeden:

Wat je moet meten om dit te kunnen zeggen

Dit werkt alleen als je bij de eerste implementatie al vastlegt wat je bij de tweede wilt vergelijken. Minimaal: welk aandeel van de voorstellen zonder aanpassing is goedgekeurd, welk aandeel is aangepast, welk aandeel is afgewezen, en met welke reden. Die verdeling is de vingerafdruk van een workflow — en het is de enige manier om te zeggen of de tweede implementatie het even goed doet.

Zonder dat logboek is de vergelijking een gevoel, en gevoelens over de tweede implementatie zijn systematisch te positief: je herinnert je de opstartproblemen van de eerste beter dan die van de tweede.

Wat dit betekent voor wat je belooft

Vóór de tweede implementatie kun je eerlijk zeggen: dit hebben we gebouwd en zo werkt het daar. Daarna pas: dit werkt op deze manier bij verschillende organisaties, en dit zijn de uitzonderingen die je kunt verwachten. Het verschil tussen die twee zinnen is precies het verschil tussen een referentie en een product.

[[BEWIJS NODIG: welke workflows Gen8 inmiddels een tweede keer heeft geïmplementeerd, met de vergelijking van goedkeuringspercentages en de klantgoedkeuring om die te noemen — eigenaar: delivery]]

Als de tweede keer tegenvalt

Dat is een goede uitkomst, mits je hem gebruikt. Een workflow die bij de tweede organisatie vastloopt, vertelt je waar de verborgen aanname zat — meestal in de kwaliteit van de brongegevens of in een werkafspraak die niemand had opgeschreven omdat iedereen hem kende. Die aanname expliciet maken is waardevoller dan de tijdwinst die je bij de eerste klant had berekend.

Volgende stap

Wat je hiermee doet

Kijk naar de workflow die je het vaakst noemt in gesprekken en beantwoord één vraag: kan iemand anders dan de bouwer hem opzetten met alleen de documentatie? Zo niet, dan is de eerste taak niet de tweede klant zoeken maar de documentatie afmaken.

Veelgestelde vragen

Telt een tweede afdeling binnen dezelfde organisatie ook?

Deels. Je toetst er wel de documentatie en de configuratiescheiding mee, maar niet de aanname dat de systemen, de datakwaliteit en de werkafspraken elders anders zijn. Behandel het als een halve tweede implementatie.

Hoe lang moet je meten voordat je iets kunt zeggen?

Lang genoeg om de terugkerende uitzonderingen te zien, wat vooral afhangt van hoe vaak het proces draait. Bij een dagelijks proces gaat dat sneller dan bij een maandelijks; het aantal uitvoeringen telt, niet de kalender.

Wil je dit op je eigen proces toepassen?

Breng één proces mee naar een gesprek. We beoordelen geschiktheid, risico en wat de eerste stap kost.

  • Reactie binnen één werkdag
  • Geen verplichtingen